Neurochirurgische zorg rondom de operatie

Eerste bezoek aan de neurochirurg

Met uitzondering van spoedopnames, zal in eerste instantie een bezoek aan het spreekuur van de neurochirurg plaatshebben, nadat de neuroloog, huisarts of een andere specialist de patiënt heeft verwezen. Tijdens dit bezoek, vaak consult genoemd, zal de neurochirurg een aantal zaken van u willen weten zoals onder andere de gezondheid eventuele medicatie enz, Daarnaast zal de neurochirurg met name informatie geven over de bevindingen tot nu toe en de te volgen stappen. Ins sommige is nog aanvullend onderzoek nodig (bijvoorbeeld nog een scan of een onderzoek door de neuropsycholoog). Verder zult u uitleg krijgen over een eventuele operatie; de reden waarom voor een bepaalde operatie wordt gekozen, de aard van de procedure, de verwachtingen en de risico’s zullen dan aan bod komen.

Wanneer er geen aanvullende onderzoeken nodig zijn, zal u over het algemeen worden doorverwezen naar de anesthesioloog (de specialist die de narcose geeft) voor een gesprek over de narcose. De neurochirurg zal daarbij een indicatie geven wanneer de verwachting is dat u aan de beurt bent voor de operatie. Dit is vooral ook afhankelijk van het beeld van de tumor op de scan, uw klachten en de wachtlijst in het ziekenhuis, Vaak is daarom een datum op dit moment nog niet te noemen.

Voorbereiding op de operatie

Voor een operatie aan de hersenen wordt de patiënt opgenomen op de afdeling neurochirurgie. Dit gebeurt meestal de dag voor de operatie, of op de dag van de operatie zelf. Op de dag van opname in het ziekenhuis wordt opnieuw de ziektegeschiedenis opgetekend, en wordt nagegaan welke medicijnen gebruikt worden. Het is handig als u zelf een lijstje bijhoudt van uw medicijnen. Daarna volgt een lichamelijk onderzoek en wordt eventueel aanvullend radiologisch onderzoek verricht. Deze voorbereidingen geven belangrijke informatie voor de anesthesist en operatie. Soms moeten hierdoor eerder genomen besluiten worden bijgesteld of zelfs herzien. Voor de operatie wordt zo nodig aandacht besteed aan de voorbehandeling:

  • met steroïden (dexamethason) ter voorkoming van hersenoedeem
  • met eventueel antibiotica bij infectiegevaar
  • met regelbare bloedverdunners ter voorkoming van trombose
  • met medicijnen tegen epilepsie

Ter voorbereiding van de operatie wordt meestal de dag voor die operatie een MRI-scan gemaakt. Soms wordt een deel van de schedel geschoren. Dan worden een aantal uitwendige markeringen op het hoofd aangebracht. Deze markeringen dienen als coördinatiepunten die zowel uitwendig als op de MRI-scan zichtbaar zijn, waarmee de van buiten onzichtbare hersentumor op de MRI-scan tijdens de operatie zeer precies kan worden teruggevonden. Dit is de zogenaamde neuronavigatie.

Tijdens de operatie

In veel gevallen vind de operatie plaats onder algehele narcose. Het hoofd wordt in een stellage vastgezet waarin de schedel van vrijwel alle kanten te benaderen is. Een deel van het haar wordt afgeschoren en de hoofdhuid wordt ontsmet. Daarnaast wordt de schedelhuid ook nog lokaal verdoofd zodat ook onwillekeurige pijnreacties worden vermeden.

Het tijdens de operatie verkregen tumorweefsel, wordt in een laboratorium onderzocht door de neuro-patholoog. Soms wordt zelfs tijdens de operatie, terwijl de patiënt onder narcose is, door de neuro-patholoog met een snelle methode bepaald wat voor type tumor het betreft. Dit omdat dit voor de neurochirurg van belang kan zijn voor de mate van hersentumor verwijdering. Omdat deze snelle bepaling niet 100% betrouwbaar is wordt in het algemeen daar geen mededelingen aan de patiënt of zijn familie gedaan. In de meeste gevallen zal in de week na operatie de precieze aard en oorsprong van de tumor bekend worden.

Na de operatie

Na de operatie zal de patiënt vaak nog een nacht op de uitslaapkamer of een of meer dagen op de Intensive Care worden opgenomen. Daar vindt de behandeling plaats door de intensive care arts, die uiteraard in nauw overleg werkt met de neurochirurg. Soms wordt er op de eerste of tweede dag na de operatie een controlescan verricht. De opname duur na de operatie is afhankelijk van de ingreep, de snelheid van herstel en eventuele complicaties. Na het nemen van een naaldbiopt kunnen de meeste patiënten de volgende dag weer naar huis. Na een craniotomie is dit meestal na 3 tot 5 dagen. Als er (een toename van) neurologische uitvalverschijnselen is, dan kan het nodig zijn dat er daarna een revalidatietraject volgt.

Na het ziekenhuis ontslag is het in de meeste ziekenhuizen mogelijk bij vragen of problemen contact op te nemen met een gespecialiseerd verpleegkundige. Wanneer de uitslag van het weefselonderzoek bekend is, dan wordt de verdere behandeling bepaald in het multidisciplinaire team. Hierna zal er een afspraak met de patient gemaakt worden om de uitslag en de verdere behandeling met u te bespreken. Het is wenselijk dat daarbij uw partner, naast familielid of goede vriend aanwezig is. In dit gesprek wordt gesproken over de vooruitzichten en over de verdere behandeling. U kunt dan ook uw vragen stellen. Het is daarbij handig om vooraf uw vragen op papier te zetten.

De verschillende operaties

  • Open biopsie of uitgebreidere operatie via een craniotomie
    Onder algehele narcose wordt het hoofd in een klem geplaatst. Er wordt een beetje haar weggeschoren, en gedesinfecteerd. De verdoofde huid wordt ingesneden, en het schedelbot wordt zichtbaar. Nu wordt door de schedel boven de tumor een of meer gaten geboord. Vervolgens wordt een klein stuk schedel los gezaagd waardoor er een luikje ontstaat dat toegang verschaft tot de hersenen (craniotomie). Onder de schedel liggen eerst de hersenvliezen die geopend worden, waarna de hersenen zichtbaar worden. Met de MRI-scan en het neuronavigatie-systeem wordt de tumor opgezocht. Als er alleen een open biopt wordt genomen, dan wordt nu een stukje weefsel uitgenomen. Hierna wordt het buitenste hersenvlies (dura) weer gesloten en het botluikje teruggeplaatst. Meestal wordt het luikje vastgezet met een paar schroefjes en plaatjes. De huid wordt gehecht. Als wordt geprobeerd zoveel mogelijk tumorweefsel weg te nemen, dan wordt nu onder de microscoop de tumor beetje bij beetje verwijderd. Hierbij kunnen verschillende technieken gebruikt worden om de tumor of het omliggende gezonde hersenweefsel beter zichtbaar te maken. Voorbeelden zijn:
  • Naaldbiopt
    Onder algehele narcose wordt het hoofd in een klem geplaatst. Er wordt een beetje haar weggeschoren, en gedesinfecteerd. De verdoofde huid wordt ingesneden, en het schedelbot wordt zichtbaar. Met een boor wordt een klein gat in de schedel geboord. Met een holle naald wordt, op geleide van de MRI-scan (neuronavigatie), een beetje weefsel uit de tumor gehaald. Meestal worden twee of drie hapjes genomen. Het gaatje in de schedel hoeft niet gesloten te worden, de huid wordt gehecht.

Hierbij wordt veelal gebruik gemaakt van

  • Neuronaviatie: Middels camera’s op de operatiekamer is het mogelijk om op de MRI scan te zien waar de chirurg is tijdens te operatie
  • Kleurstoffen: de neurochirurg kan u voor de operatie een drankje (Gliolan) laten toedienen, waardoor de tumor onder bepaald licht beter zichtbaar wordt. Dit wordt alleen gebruikt bij hooggradige gliomen.
  • Monitoring van hersenfuncties tijdens de operatie: als de tumor heel dicht bij bepaalde belangrijke functies ligt (motoriek van armen of benen, spraak), dan is het soms nodig om deze functies tijdens de operatie te testen. Dit kan op twee manieren:
    • U wordt tijdens de operatie wakker gemaakt. Dit wordt “awake” of wakkere neurochirurgie genoemd. De reden hiervoor is zodat uw spraak en sommige andere functies kunnen worden getest terwijl de neurochirurg opereert.
    • De neurochirurg “stimuleert” bepaalde delen van de hersenen met een zwak elektrisch stroompje en kan zo zien of bepaalde functies uitvallen door metingen aan de armen en/of benen te doen of door beweging te zien.

Als besloten is dergelijke technieken te gaan toepassen zult u hierover uitgebreid worden geïnformeerd en zult u ook uitgebreid worden voorbereid.

Als de tumor, zo veel als veilig mogelijk is, is verwijderd, dan wordt het buitenste hersenvlies (dura) weer gesloten en het botluikje teruggeplaatst. Meestal wordt het luikje vastgezet met een paar schroefjes en plaatjes. De huid wordt gehecht. Na een dergelijke operatie krijgt u een hoofdverband (‘tulband’).

  • Operaties vanwege problemen met het hersenvocht
    Een speciale vorm van massawerking door een hersentumor is afsluiting van de hersenholtes en hersenkanalen. Hierdoor kan de doorstroming van het hersenvocht (liquor) wordt belemmerd. Deze afsluiting veroorzaakt ophoping van het hersenvocht in de hersenholtes. Het uitzetten van de hersenholtes veroorzaakt dan een toename van de druk in de hersenen, wat veelal gepaard gaat met hevige hoofdpijn, misselijkheid en braken. Als het verwijderen van de tumor niet (geheel) mogelijk is, of onvoldoende effect heeft op de doorstroming van het hersenvocht, kan het nodig zijn om een ‘shunt’ te plaatsen. Hierbij wordt een gaatje geboord in de schedel waardoor een slangetje door de hersenen in een hersenkamer kan worden gebracht. Hierop wordt een klepje, soms pompje genoemd, geplaatst, waarna een tweede slangetje naar de buikholte (soms naar het hart of de longen) wordt geleid. Het hersenvocht kan dan in de buik worden opgenomen.Er is ook een kijkoperatie die soms kan worden toegepast om de stroming van het hersenvocht te verbeteren. Hierbij wordt een gaatje geboord bovenin het schedel, waarna een cameraatje kan worden opgevoerd via een buisje tot in de hersenkamers. Als er dan een gaatje wordt gemaakt in de bodem van de derde hersenkamer, de derde ventriculostomie genoemd, kan het vocht door dit gaatje wegstromen.

De hersentumor informatie website


  Zwart op wit  

de beste hersentumor informatie!  


Deze website is mede mogelijk gemaakt dankzij de steun van

Stichting STOPhersentumoren.nl